Steun het boek 'Mijn vader is homo'

Onderstaande oproep is van auteur Mayke Wijnen (1984). Als (voetbal)journaliste is er met name interesse in de persoon. Ieder mens heeft zijn leven, zijn bestaan, zijn gedachten, zijn gevoelens, zijn waarden, kortom; zijn wereld. Zodoende startte Mayke naast de journalistieke werkzaamheden met Mijn Wereld.

Meer informatie is te vinden via de website MW Mijn Wereld – Mayke Wijnen

Ik ben schrijver en mijn vader is homo. Die twee zaken combineer ik zo nu en dan in korte stukjes, waarvan je er hieronder een kunt lezen. Die teksten, aangevuld met nieuwe, nog niet geschreven (innerlijke) ervaringen, wil ik dolgraag tot een boek verwerken. Dit idee leeft al een poos in mij en het roept steeds harder. Door mijn andere drukke werkzaamheden vond ik tot nu toe echter niet de ruimte daar écht gevolg aan te geven. Nu dit werk door omstandigheden grotendeels stil-/wegviel of is afgerond, is dit hét moment. Alleen … geen werk is geen inkomen. En ik wil het boek zélf uitgeven (ik kan mij niet vinden in de structuur van traditionele uitgevers). Je voelt ‘m al aankomen … ik vraag jullie om hulp.

Ik zoek financiële steun om mij voor twee-drie maanden te kunnen opsluiten om dit boek (of toch een flinke aanzet tot) te schrijven en het in het meest ideale geval ook te laten opmaken, te drukken en te distribueren. Het is misschien beschamend om dit te vragen, maar wie niet waagt, die niet wint…

Daarnaast is deze financiering geen eenrichtingverkeer. Als donateur ben je niet slechts sponsor: ik maak je mee ‘eigenaar’ van het ontstaansproces. Dat betekent het volgende:

1. Iedere sponsor ontvangt updates rond het proces of een stukje uit het boek als opwarmertje; zo beleven we het ontstaan ervan samen.*

2. De mensen die tussen €33 en €99 doneren, ontvangen een ‘gratis’ boek (in feite reserveer je er dus een).

3. Wie mij zelfs met €100 of meer steunt, krijgt een exclusieve editie met een harde kaft in speciale druk én in beperkte oplage. Een collector’s item dus. Jullie zijn de VIP’s van dit boek met een ereplaats op de receptie wanneer het wordt gepresenteerd.

4. Want, last but not least, nodig ik alle schenkers uit op de boekpresentatie, met na afloop een signeersessie met mij en mijn vader (net echt) en een hapje en een drankje.(Uiteraard is iedereen die wil welkom op deze receptie, waarover ik te zijner tijd zal communiceren).

*Mensen die in het verleden al doneerden na mijn eerdere (kleine) oproep vallen hier al onder.

Mijn doel met dit boek is niet commercieel. Het is voor mij persoonlijk belangrijk dat ik het mooie en waardevolle proces dat mijn vader en ik doormaakten (en doormaken) eindelijk opschrijf; zie het als een afronding/bestendiging hiervan. Ik hoop via deze weg dan ook ‘gewoon’ inkomsten te generen die mij de kans geven mij hiervoor een paar maanden vrij te maken. Het bedrag dat ik daarvoor beoog, is tussen de €9.000 en €12.000. Dat is enorm, ik weet het; hieronder vind je daarvoor de verantwoording.2-3 maanden €2500 voor vaste, maandelijkse lasten = €5000 tot €7500.Kosten voor opmaak, drukwerk en distributie: €4000.Presentatie: €500.

Wat voor boek kun je verwachten?

Het boek omvat drie delen: het verleden, het heden en de weg daartussen. Ik omschrijf mijn jeugd (dit deel van het boek staat al in de steigers) als jaren waarin ik geen vader had. Dit klinkt hard, maar zo ervoer ik dat. En mijn vader weet dit, we spraken hier over. En dát, het feit dat we sinds kort – misschien zelfs pas écht sinds onze lunch afgelopen zomer (zie het stukje Vieze homo hieronder) – onze pijnpunten en innerlijke strijd naar elkaar uiten, zegt alles over de situatie van nu. De brief die ik hem gaf dat ik het contact zou verbreken omdat hij te veel dronk, was daar de aanzet van. Hij zocht hulp en we vonden elkaar.

In die weg, waarin ook ik een ontwikkeling doormaakte, zag ik mijn vader niet meer als een irritante, eigenwijze en laffe vent, maar ontmoette een flamboyante man die er zo zijn eigen wetten op nahoudt. Ik duw niet langer geërgerd de deur open als hij niet snel genoeg is, maar wacht geduldig af en schud grijnzend mijn hoofd wanneer hij in kimono recht uit bed in de opening verschijnt. Ik schrik niet meer van zijn fluostrings die hij laat slingeren maar schaterlach om het verhaal van mijn broer, die zijn nieuwe vriendin voor de eerste keer meenam en naast haar op de bank wist dat zij hetzelfde zag als hij: boven de broek van onze vader, die vooroverboog, piepte zijn reetveter.

Mijn vader is een gevoelige man die toch schaamteloos zijn eigen weg volgt, eigenwijs en koppig. Hij is een man van wie ik tegen mijn vrienden zeg: het is dat je hem kent, maar die kerel is echt niet uit te leggen. Ik zie ze dan lachend knikken.

Dat ga ik met dit boek toch proberen, verweven met mijn eigen proces. Van de pijn vond ik het geluk via de liefde, waarmee ik de nare, vreemde en beschamende eigenschappen met een warme glimlach kan aanschouwen.

Máár: het boek is niet alleen dat. Ik ga ook het maatschappelijke aspect niet uit de weg. Ik weet bijvoorbeeld dat er mensen zijn die aanstoot nemen aan de titel van onderstaand stukje. Dat ik mijn vader plagerig een vieze homo kan noemen, betekent voor mij echter heel veel; het draagt voor mij de aanvaarding van wie hij is in zich. Of dacht je dat ik als dochter die de illusie van een gelukkig gezin zag verdampen niet worstelde met dat woord: ho-mo? Het herinnerde mij lange tijd aan pijn en in de woede van het kind dat zijn vader als schuldige ziet, noemde ik hem in gedachten wel eens een vieze of luie flikker, hoe irrationeel ook. Dat wil en kán ik niet verdoezelen; het maakt deel uit van het proces dat ik doormaakte en waarin de imperfectie er mag zijn. Door mijzélf in de ogen te kijken, schraapte ik de beladenheid van het woord; sinds een paar jaar kan ik die vier letters moeiteloos uitspreken. Mijn vader knipogend voor ‘vieze homo’ uitmaken, werkt voor mij – én voor hem – dan ook bevrijdend. In plaats van kwetsend, is het een teken van liefde.

Nou goed, ook dat soort zaken zal ik aanraken, omdat ik denk dat dat belangrijk is in het steeds politiek correcter wordende debat.

Ik heb enorm veel zin om dit boek te schrijven en ik hoop van harte dat ik je hiervoor warm kon maken. Nogmaals: het is een diepe wens van mij dat dit werk er komt. Mag ik je als laatste dan óók nog vragen dit bericht naar zoveel mogelijk mensen door te sturen? Dankjewel!!!

Mayke Wijnen

Waar kun je doneren?

Dat kan via deze link: https://betaalverzoek.rabobank.nl/betaalverzoek/?id=yWyQor5GSfOriIgPDe9dng

Voor de Vlamingen: https://www.paypal.me/maykewijne (met vermelding ‘Mijn vader is homo’ aub)

En natuurlijk kan dat ook nog gewoon old school door een bijdrage te storten op NL04RABO0147917514 ten name van Mayke Wijnen met de mededeling ‘Mijn vader is homo’.

Wil je betrokken zijn bij het ontstaansproces zoals ik bij punt 1 beschreef, stuur me dan na donatie een mail op mayke@mijn-wereld.com.

Hieronder lees je een stukje dat ik afgelopen zomer schreef:

Vieze homo
Mijn vader loopt naast me door de stad. Zijn stap heeft iets parmantigs en hij kijkt tevreden, zelfbewust ook; als altijd gaat hij onberispelijk gekleed. Vandaag koos hij voor een bloemetjesblouse met daarover een grijze colbert – oranje pochet incluis – en onder zijn strakke, donkere jeans draagt hij zijn onvermijdelijke rode muiltjes. Op zijn neus rust een van zijn zonnebrillen; zijn hoed liet hij, vermoedelijk tot zijn spijt, wél thuis – het is amper achttien graden en de lucht dreigt.
Een jonge vrouw roept in het voorbijgaan wat een ‘gewéldige schoenen’ hij aan heeft. Ze is ons allang gepasseerd wanneer mijn vader zijn voet op wipt en haar antwoordt dat dat zijn bordeelsluipers zijn. Ik zie zijn brede lach en weet dat hij die ‘grap’ vermoedelijk al zo’n honderd keer maakte.
We spraken af te gaan lunchen. Dat doen we nooit, of toch niet in een eettent, maar aan deze afspraak ging dan ook een verzoek vooraf: ik wil met hem praten over de kwestie die ons gezin uiteenreet. Dat lukt ons inmiddels in alle rust en vaak hilariteit. We zijn vandaag de dag dan ook zeventien jaar verder, na die ene middag in oktober 2004.

Ik begon onlangs aan een boek daarover, vertel ik hem; over hoe die periode voor mij is geweest. Maar ik wil ook weten hoe dat voor hém was, om al die jaren met een leugen te leven. We spraken er tot op heden slechts zijdelings over; een mens laat de gevoelige zaken in het leven nu eenmaal graag voor een andere keer. Nu heb ik een boek dat ik kan gebruiken en ik vertel dat ik hem daarin met terugwerkende kracht laf noem, apathisch ook. Hij kijkt me eerste half verdoofd aan en herpakt zich dan. ‘Ja, laf…’

Mijn vader kucht een keer en nipt van zijn dubbele espresso. Daarna kijkt hij wat voor zich uit. Er ligt een onmetelijke diepte daar, op die plek waarin zijn blik verdwijnt. Dat weet ik, ik ken dat gebied als geen ander: beelden en gevoelens wentelen zich er woordeloos om elkaar en snoeren zich om de keel. Mijn vaders lippen trillen en in zijn ogen drijft een laagje water.

Ze zijn nog klein, die ogen. Ik belde hem deze late ochtend nog maar eens uit bed. Ook dit keer trok hij versuft de deur open in kimono, om met een ‘oh, oei, ja’ om te draaien en de douche in te verdwijnen. Ik zette dan maar mijn eigen thee en grijnsde nog eens bij het bordje naast zijn koffiezetapparaat: mannen moeten zijn als koffie, heet en sterk.

Terwijl ik lunch, neemt hij twee kroketten met mosterd als ontbijt. Hij voelt schuld, zegt-ie. ‘Naar mama, naar jullie.’ Ik antwoord dat die er misschien vooral naar zichzelf is, omdat hij zijn eigen gevoelens zolang verloochende. Hij lijkt niet te weten wat hij met die opmerking moet en grist een zakje tissues uit zijn broekzak.

Hij houdt nog altijd van mijn moeder. En dat is wederzijds. Dat weet ik, dat zie ik, dat voel ik. Zijn dankbaarheid en respect voor haar zijn immens. En terecht. Dankzij haar bleef het gezin draaien. Ondanks het verdriet en de woede, het onbegrip en de frustratie nam ze de touwtjes in handen. Dat – onder meer – bedoelde ik met laf, richting mijn vader. Zijn geheim was zo groot dat het zijn handelen overnam. Hij had niet de kracht om méér te doen dan zich verloren te draaien in zijn eigen kluwen (waarin zijn homo-zijn vermoedelijk ook ‘maar’ een deel van het geheel was).

Verder lachen we deze middag vooral. Ik hoor de woorden ‘vrijen’ en ‘warm mannenlijf’ uit zijn mond rollen met nog wat vunzige, beter niet te herhalen, termen. Pas wanneer ik hem fluisterend vermaan te dimmen en aangeef dat hij ook tevéél kan vertellen, zegt hij ‘oh ja, sorry’. Zonder het te menen en de intentie er rekening mee te houden, overigens – al zou het tegendeel me ook verbaasd hebben: mijn vader is de vleesgeworden schaamteloosheid.

Wanneer ik het woord homo gebruik, trekt hij een vies gezicht. Hij herhaalt het drie keer en zegt dan dat het een scheldwoord is geworden, zoals in voetbalstadions. Homoseksueel klinkt beter, vindt hij. Ik haal mijn schouders op en zeg hem dat ik het niet bedoel als scheldwoord dus dat ik hem gewoon homo blijf noemen. ‘Dat ben je toch ook?’ Hij knikt trots. Dat ik het zelf wat smerig vind, begrijpt hij. ‘Dat vond ik ook. Maar ohhhh, je moest eens weten hoe le…’
‘Paaaaa! Gatverdamme! Vieze homo!’
Tags: